vrijdag 15 november 2013

PAS OP VOOR DE GRATEN


Ik lig in ruzie met een vis.
Ik vind dat hij wat bazig is.
Hoewel hij in ’t Aquarium zit.
Is hij het die op alles vit. 

Hij roept en scheldt de ganse dag.
Hij zegt dat hij mijn smoel niet mag.
Hoewel hij gisteren wormen kreeg.
Stal hij de hele ijskast leeg.  

En golven maken dat hij doet.
Het is genoeg nu kookt mijn bloed.
Ik neem mijn schepnet oeps en dan.
Ligt hij te sudderen in de pan. 

Daarmee schoot ik mijn laatste kemel.
‘k Stuur dit gedicht vanuit de hemel.
Ik ben dood, ik ben gestikt.
Ik heb mij in een graat verslikt.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten